Rond half tien arriveren we op Schiphol om ons als groep te verzamelen bij de incheckbalie van onze vlucht naar Thailand. Na het inchecken en de paspoortcontrole dwalen we in en om de winkels om de tijd te doden tot we naar de gate wandelen voor een veiligheidscontrole. Even later zoeken we onze plaats op in het lijnvliegtuig van EVA Air en krijgen al gauw een exotische lunch geserveerd.

Na aankomst in Bangkok hebben we de ochtend vrij om te acclimatiseren of om een uitgebreide ochtendwandeling kriskras door deze hoofdstad met ruim acht miljoen inwoners te maken. Het programma geeft vervolgens aan dat we naar de grootste toeristische attractie van Bangkok gaan, het Grand Palace. Dit paleis wordt gekenmerkt door de gouden chedi, de spits links ervan is van de Phra Mondop (bibliotheek) en de meest linkse spits is van het Koninklijk Pantheon.

De kenmerkende gouden chedi, de Phra Si Rattana Chedi bevat een deel van het borstbeen van Boeddha. Deze belangrijkste stoepa is gebouwd als een imitatie van één van de drie stoepa’s van de Wat Phra Si Sanphet. Dit was de Royal Chapel van de oude hoofdstad Ayutthaya.

Ten noorden van de Phra Mondop staat een model van het grootste religieuze bouwwerk ter wereld, de Angkor Wat in Cambodja. Het werd gemaakt om het volk de grootsheid van de 12e-eeuwse Khmer-architectuur te tonen. Onder koning Rama IV stond Cambodja namelijk onder Thais gezag.

Het paleiscomplex omvat veel verschillende bouwwerken. Sommige hiervan worden ondersteund door wat mythologisch aandoende figuren, die dragers van (tempel)torens blijken te zijn. Maar, we komen nog andere wezens tegen, die nog meer verschrikking inboezemen.

Reusachtige tempelwachters, die zo uit de Efteling lijken te komen, bewaken de toegang tot het paleiscomplex. Om het hier tegen op te nemen, moet je op z’n minst toch wel uitgeslapen zijn...

In de Tempel van de Smaragden Boeddha, op een fraai verguld altaar, is het meest vereerde Boeddhabeeld van Thailand te vinden, de Phra Kaeo, oftewel de Smaragden Boeddha. Om hier naar binnen te mogen, moet iedereen zijn schoenen uit doen. Eenmaal binnengekomen word je gemaand te gaan zitten, of anders kun je gelijk weer doorlopen naar de uitgang.

Rond het tempelcomplex loopt de Ramakiengalerij. Het epos Ramakien, de Thaise versie van de Indiase Ramayana, verhaalt de strijd tussen goed en kwaad. Dit verhaal is afgebeeld op 178 panelen, welke geschilderd werden aan het eind van de 18e eeuw.

We lopen verder naar de volgende poort van het paleisterrein. Erachter bevindt zich de fraai vormgegeven façade van de kruisvormige Dusittroonzaal (1784), met zijn elegante, gelaagde spits.

Per gemotoriseerde longtail-boat vertrekken dagelijks talloze toeristen voor een tocht over de rivier Chao Praya en het nauwelijks aangetaste oude kanalennetwerk.

Een groot deel van de oude stad (Thon Buri) heeft zijn traditionele charme behouden en is gebouwd op een netwerk van rivieren en kanalen (khlongs). Houten huizen op palen en oude tempels tussen de rijstvelden, moestuinen en wijngaarden zijn er te zien.

Generaties lang maakten de mensen voor hun handel gebruik van het netwerk van kanalen dat hun streek doorkruiste. Pas in de afgelopen decennia namen wegen die functie over en zo verdween grotendeels de ooit bloeiende drijvende markt. Drie drukke hoofdkanalen lopen vanaf de rivier in westelijke richting. Verscheidene kleinere waterwegen leiden naar anders onbereikbare verborgen woongebieden.

De Chao Praya is de belangrijkste waterweg van Thailand. Enorme bruggen overspannen de breedte van deze koningsrivier. De Rotterdammers onder ons mijmeren over hun zwaan bij het zien van deze brug.

Tijdens de tocht over de verschillende wateren van Bangkok wordt ons een heerlijke sortering fruit aangeboden. De een na de ander breekt zo steeds maar weer een versiering aan stukken.

Na de fruitproeverijen luistert de hele groep met (on)verdeelde aandacht naar de verhalen van onze bijzondere gids Hattha. Zelfs de schipper kijkt verbaasd achterom om de impact van de verhalen te aanschouwen.

De Tempel van de Dageraad (Wat Arun) is één van de bekendste monumenten van Bangkok. De prangs zijn bedekt met een laag van duizenden porseleinscherven. De grote prang is 79 meter hoog en aan de onderkant 234 meter in omtrek. In de 19e eeuw voegde koning Mongkut (Rama IV) de ornamenten van gebroken porselein toe.

Vanaf de rivier heeft men een goed zicht op de oevers die gedomineerd worden door de vele tempelcomplexen. Het is goed te merken dat religie hier de boventoon voert.

De Herdenkingsbrug loopt over de Chao Praya-rivier en verbindt het traditionele Thon Buri (links) met het moderne centrum (rechts). Pas in 1972 werd de linkerzijde bij Bangkok gevoegd.

Aan de rand van het centrum staan verscheidene wolkenkrabbers, maar om de toeristen te plezieren vaart men nog steeds -of liever juist- rond met ouderwetse boten. Op de brede rivier vallen deze scheepjes bijna in het niet...

Veel toeristen schijnen de westelijke rivieroever te mijden, maar al wandelende door dit gedeelte van Bangkok kan men verschillende markten bezoeken en komt men geregeld een tempelcomplexje tegen, zoals de Wat Khruawan Worawhan.

Dit moderne ruiterstandbeeld aan de Wongwian Yai-rotonde is gemaakt ter ere van koning Taksin (1767-1782), die na de verwoesting van Ayutthaya door de Birmezen in 1767 de hoofdstad naar Thon Buri verplaatste.

Bangkok groeit erg hard en heeft daardoor zoveel last van files dat de gemiddelde snelheid van een auto bijna overtroffen kan worden door een voetganger. Gelukkig bouwen ze hier veel voetgangersbruggen waardoor de looptijd nog verkort kan worden.

Tegen acht uur ’s ochtends kan men bij de scholen het ochtendritueel volgen, waarbij de leerlingen in tientallen rijen staan opgesteld en verschillende melodieën ten gehore brengen.

De Yaowarat is één van de belangrijkste verkeersaders van het levendige Chinatown en wemelt van de goudwinkels, kruidenverkopers en eethuisjes.

Chinatown is één van de meest hectische en kleurrijke buurten van Bangkok. Achter de grote straten, die er modern uitzien, bevinden zich bont versierde taoïstische tempels, oude krakkemikkige apotheken met traditionele Chinese geneesmiddelen, juweliers met hoge stapels kettingen en halsbanden, en nauwe steegjes volgepropt met allerlei soorten marktstalletjes en verkopers van curiosa.

Hoewel de Chinese wijk een bruisend en druk stadsdeel vormt, kan men twee straatjes verder genieten van de rust, terwijl het authentieke beeld gehandhaafd blijft. Je blijft je verbazen over de verschillen in zo’n land.

Een groepswandeling brengt ons naar het Lumphinipark waar we aan de kant van de Silom het beeld aanschouwen van Rama VI, de koning die het Lumphinipark in 1925 opende. Maar daarvoor hebben we wel de warmte, de vochtigheid en de enorme drukte en stank van het verkeer van Bangkok moeten trotseren.

Het 56 hectare grote Lumphinipark vormt de belangrijkste groenstrook van Bangkok. Het is genoemd naar de geboorteplaats van Boeddha in Zuid-Nepal. Het park biedt een enorme ruimte voor allerhande activiteiten.

Het groene Lumphinipark dat zich uitstrekt rond twee vijvers is een welkome oase na de drukke straten van Bangkok waarvan de skyline op de achtergrond goed te zien valt. In een vage herinnering doet dit een beetje aan het uitzicht over de Kralingse Plas denken...

Het rustige park heeft een groot, kunstmatig aangelegd meer, waar u kunt pootjebaden en roeiboten en waterfietsen huren. Het meer wordt omgeven door goed onderhouden gazons, beboste stukken en wandelpaden.

De vijvers van dit stadspark blijken ook een aantal vreemde gasten te herbergen: varanen. Deze hagedissen kunnen zo groot als alligators worden. Buitenlanders vinden dit maar een vreemde gewaarwording, maar de Thai boeit het niet.

Het moderne Bangkok heeft de reputatie onder ernstige verkeersopstoppingen te lijden. De Skytrain (boven dit kruispunt) en de metro hebben de situatie behoorlijk verbeterd. Zowat overal zijn voetgangersbruggen gebouwd om het verkeer onbelemmerd te laten doorstromen.

Het historische Hua Lampong station (gebouwd aan het begin van de 20e eeuw) is nu het grootste spoorwegknooppunt van Bangkok. Het is tevens het meest imposante art deco gebouw.

Aan de overkant van het station ligt ons hotel, het Bangkok Centre Hotel met zijn fraaie entree. Steeds als we bij het hotel aankomen zijn we blij de klamme warmte van Bangkok te kunnen ontvluchten.

Het hotel is heerlijk koel, soms bijna fris. We nemen de lift naar de vierde etage en bereiken al gauw onze weer nette hotelkamer; deze keer staat er opnieuw een verrassing ons op te wachten.

Onderweg naar de drijvende markt, wordt er ook een tussenstop gemaakt bij een kokosnootplantage. Hier kopen we kokossnoepjes en andere lekkernijen en kunnen we even rondkijken hoe kokos wordt verwerkt.

De bus brengt ons naar Damnern Saduak, zo’n 100 kilometer ten zuidwesten van Bangkok, alwaar we in bootjes stappen om het spektakel van de drijvende markt te beleven. Eigenlijk is dit nog de enige echte drijvende markt, hoewel ook deze in haar bestaan bedreigd wordt.

De drijvende markt is een doolhof van smalle khlongs (kanalen). De kleine houten boten worden voornamelijk bemand door vrouwelijke kooplui uit de verre, waterrijke omtrek, van wie sommigen nog het traditionele blauwe boerenhemd en de typische strohoed dragen. De koopwaar, waaronder fruit, groenten en kruiden, komt rechtstreeks van de boerderij.

Telkens als men wat wil kopen begint men een onderhandelingsproces ter afdinging waarbij men af en toe wegvaart om een bod kracht bij te zetten... Als beide partijen uiteindelijk tot overeenstemming komen, wordt er afgerekend, waarbij men oppast dat het geld niet in het water verdwijnt.

Tientallen boten liggen dicht opeengepakt in de khlongs en elke boot zakt diep in het water onder het gewicht van vis en stapels fruit zoals superverse mango of ananas. Men marchandeert en dingt af in een oorverdovend lawaai van schreeuwen, lachen en verongelijkt kijken. Dit levert een wonderbaarlijk kleurrijk schouwspel op.

Na een klein uurtje op het water wat handel te hebben gedreven, worden we afgezet bij aan de oever verankerde winkels alwaar we op souvenirjacht gaan. Via een aantal naburige khlongs wordt de terugtocht aangevangen in longtail-boats, waarbij er af en toe hard over het water wordt gescheurd. Botsingen door verkeerd ingeschatte vaargeulen behoren dan helaas tot de mogelijkheden.

De bus brengt ons weer naar een eetgelegenheid voor westerse magen... Omdat het na de lunch al tegen drieën loopt, besluiten we de wervelende shows van het Samphran Elephant Ground & Zoo te bezoeken om te bezien of het echt zo spannend is als de brochure ons doet geloven.

Net op tijd arriveren we bij de Special Show, alwaar allerlei verbazingwekkende goocheltrucs worden uitgehaald. Sommige trucs zijn nog te beredeneren, maar daarna volgen een aantal spectaculaire acts.

Een groep olifanten komt het veld, de Samphran Elephant Ground, opdraven en vertoont allerlei grappige kunstjes en dansjes, waarbij we telkens weer verrast worden over de fratsen die ze uithalen.

Een elftal dikhuiden, verkleed als bekende voetballers, komt het veld opstormen en geeft een spectaculaire show weg. Als ze mis schieten draaien sommigen door en gaan kierewiet doen.

Een doel wordt het veld opgesleept en één voor één mogen de olifanten een schot op het doel wagen. Sommige olifanten nemen de bal met hun slurf mee, plaatsen die op de grond en schieten zo vrij hard op doel. De trainingen voor de Elephant World Cup Thailand 2009 zijn in volle gang!

Als laatste onderdeel komen er olifanten in oorlogstenue opdraven om de oude koninklijke veldslag uit de Ayutthaya-periode te laten herleven. Olifanten speelden in vorige eeuwen/millennia naast lastdier namelijk ook een grote rol bij veldslagen en belegeringen, het waren eigenlijk een soort ouderwetse tanks. Een krijgsolifant was groot en sterk en had lange en puntige slagtanden. Aan het hoofd en de zijkanten was hij behangen met metalen platen. De goedbeschermde ruiters vochten met sabels, zwaarden en werpsperen.

Na alle opvoeringen komen de olifanten richting de tribune, om door het publiek te worden verwend met wat voedsel zoals suikerbieten. De slurven van die dikhuiden pakken dat gewoon uit je handen.

Na de olifantenshow lopen we langs het krokodillenverblijf, alwaar de verraderlijke krokodillen zich erg lui voordoen, maar bliksemsnel in actie komen als er wat hun kant op wordt gegooid.

Even verderop vangt de Crocodile Wrestling Show aan. Twee krokodillentemmers spelen met de krokodillen om de reactiesnelheid te testen op het dichtklappen van de bek.

Als de krokodillen opgewarmd zijn, stopt één van de krokodillentemmers vervaarlijk zijn arm in de bek van de krokodil. In spanning wachten wij af wat er gaat gebeuren...

Even later zien we dat je met een krokodil best een worstelpartijtje kunt houden. Wat wel opvalt is dat deze temmers de krokodillen steeds voorzichtig benaderen, om maar niet in een al te benauwde situatie te geraken.
